Grote of Sint-Michaëlskerk
Bouwgeschiedenis
De Grote of Sint-Michaëlskerk is vanouds de hoofdkerk van Zwolle. In 1040 wordt voor het eerst melding gemaakt van een kerkgebouw in Zwolle, waarschijnlijk op de plaats van de huidige kerk. De vervanging van de oude kerk begon omstreeks 1370. Het hoogaltaar, en daarmee ook de kerk in haar geheel, werd gewijd aan aartsengel Sint Michaël. De kerk is een driebeukige gotische hallenkerk met een skelet van baksteen en aan de buitenzijde tufsteen uit de Eifel en Bentheimer zandsteen. De kerk is 65 meter lang, 33 meter breed en heeft een binnenhoogte van ruim 18 meter. Naast drie hoofdaltaren stonden in de kerk nog kleinere altaren opgesteld van gilden en broederschappen. De kerk moet in de middeleeuwen een volle en bonte aanblik hebben gegeven.
In 1407 werd met de bouw van een toren begonnen tegen de westkant van de kerk en toen hij 1443 was voltooid was in de verre omtrek geen hogere en fraaiere te vinden. Maar door de enorme hoogte was de toren ook kwetsbaar; natuurgeweld strafte de hoogmoed van de Zwollenaren af. In 1548 sloeg de bliksem in de toren; twee gewelven van de kerk stortten daarbij in.
De beeldenstorm die op 15 juni 1580 door de kerk raasde, liet er niet veel van over. Het gehele interieur werd vernield en de kerkschat geroofd.
In 1606 en 1669 werd de toren nogmaals door blikseminslag getroffen. De delen die toen nog overeind stonden werden door een storm in 1682 omver geblazen. Op de plaats van de toren werd in de jaren daarna een consistorie gebouwd, achtkantig van vorm, rococo van stijl en afgedekt met een spitsdak. Het noordelijke hoofdportaal dateert uit 1721 en het zuidelijke stamt uit 1719-1720.
Reformatie
De kerk is sinds de Reformatie met een kleine onderbreking na het Rampjaar1672 in gebruik voor de gereformeerde eredienst, sinds 1798 is zij eigendom van de Nederlands hervormde gemeente.
Restauraties
Het onderhoud van de kerk viel de hervormde gemeente zwaar. In de 19de eeuw was er inmiddels zoveel achterstallig onderhoud ontstaan dat de kerk een grondige opknapbeurt nodig had. Vooral door toedoen van de toenmalige president-kerkvoogd baron van Aerssen kwam de gewenste restauratie van de grond. Ze vond plaats in de jaren 1882-1896 en werd uitgevoerd door de Zwolse architect F.C. Koch, onder toezicht van architect P.J.H. Cuypers en L.C. Hezemans.
Een kleine honderd jaar later was de kerk weer toe aan ingrijpend herstel. Deze nu grotendeel door de overheid betaalde restauratie werd in fasen uitgevoerd van 1985 tot 1996. De officiële heropening werd verricht door prins Willem Alexander op 11 oktober 1996.
Interieur
In het interieur van de kerk valt de weelderig gesneden eikenhouten preekstoel op, met een klankbord van de hand van Adam Straes uit Weilburg in Nassau Hij werkte eraan van 1617 tot 1622. Het snijwerk heeft Christus als de ware wijnstok als motief.
Een andere blikvanger is het koorhek. Het is uitgevoerd in een maniëristische stijl en was een geschenk van de gilden. Het is in 1597 gemaakt door Sweer Kistemaker. Van de lichtkronen is alleen het exemplaar rechts achter de preekstoel origineel; de overige zijn replica's. De versieringen in de gewelven zijn afgeleid van de originele uit de Middeleeuwen; ze zijn bijgewerkt tijdens de eerste grote restauratie.
Onder het koor bevinden zich nog enkele grafkelders. Verspreid in de kerk liggen grafstenen, maar zij bedekken niet meer de oorspronkelijke graven.
Zie ook Grote of Sint-Michaëlskerk Zwolle
Zie voor informatie over de kerkelijke gemeenschap van de Grote Kerk Grote Kerk Gemeente Zwolle
Gegevens ontleend aan: Erdtsieck, J., M.P. Logtenberg en J.M. de Ruiter, Koninklijke instrumenten rond de Peperbus; IJsselacademie, Kampen 2001. ISBN 9066971320; uitgave te verkrijgen via Comité Open Orgeldag, Zwolle
Foto: © Han Gunnink, Zwolle